Gedenkboek [deel II]

 gedenkboek  Inhoud deel II  Overzicht S.D.A.P.

Inhoud
Start
XLIII.

Slotwoord.


   Bij het beëindigen van dit werk het geheel nog eens overziend, geeft het mij een gemengd gevoel van teleurstelling en van voldoening. Teleurstelling omdat het zoo onvolledig is. In tweeërlei opzicht, in drieërlei zelfs. In de eerste plaats wijl ik niet kon voldoen aan de oezegging om er de eerste 25 jaar van het bestaan der S.D.A.P. in te behandelen, ik heb de jaren 1912/1914 reeds vluchtiger moeten behandelen dan ik wel had gewild, om binnen het bestek van het boek te blijven, het was dus zeker onmogelijk er de vijf geweldige oorlogsjaren ook nog in te betrekken. In de tweede plaats wijl ik geen kans heb gezien een overzicht van het belangrijke parlementaire werk te geven, terwijl het toch van groote beteekenis voor de kennis van de historie van de partij zou zijn om dat te hebben. Ik hoop dat iemand dat eens ter hand neemt. De ontwikkeling der machtsverhoudingen en van de denkbeelden waarop ze berusten, ligt misschien dààr juist het duidelijkst voor ons. Maar, ten derde en ten principale:
   In "De Dageraad der Volksbevrijding" had ik te doen met een beweging die gemakkelijk te overzien was. Elk persoon van beteekenis was mij bekend, elke belangrijke gebeurtenis trok de aandacht van de geheele beweging en bleef in het geheugen geprent. Op alle belangrijke plaatsen waar iets te doen was, was ik geweest. Geen krantje of ik had het gelezen. De botsingen der meeningen had ik in alle onderdeelen gevolgd, moeten volgen. Daardoor kon het werk het stempel dragen van een beschrijving van doorleefde en zelf waargenomen dingen, wat aan zoo'n boek een eigen cachet geeft.
   Ik had gemeend dit ook met dit werk klaar te spelem en het is ook zoo geworden voor wat de eerste jaren betreft. Maar dan verandert het. De S.D.A.P. wordt groot en grooter. Haar aktiviteit wordt zoo dat zelfs een dagblad er maar een summier overzicht van kan geven. Er ontstaat een organisatie die in één stad meer leden telt dan voorheen de geheele partij in het geheele land. Het aantal vertegenwoordigers dat in land en stad en dorp het socialistisch woord spreekt in de vergaderzalen van Kamer en Raad, gaat van enkelingen tot dozijnen en van dozijnen tot honderdtallen. De vakbonden zwellen aan met duizenden en duizenden.... De beweging is massaal geworden en van een overzicht van het geheel dat tevens de onderdeelen min of meer intiem beschrijven laat, is geen sprake meer. Ik zou dan ook den wensch willen uitspreken dat binnenkort beschrijvingen zullen verschijnen van de gewestelijke en plaatselijke bewegingen. Wat zouden de histories van de Amsterdamsche, van de Rotterdamsche, van de Haagsche bewegingen niet interessant en leerrijk kunnen zijn. Om van plaatsen of gewesten als Leeuwarden, Groningen, Utrecht, Zaanstreek, Maastricht, Twente Arnhem, enz. enz. nog maar niet te gewagen. Ik hoop dat de schrijvers er voor zich spoedig laten vinden. Ze zullen een buitengewoon nuttig werk kunnen verrichten.
   In den afstand tusschen het begin en het einde van dit boek, zal men intusschen deze verandering van karakter duidelijk moeten merken.
   Maar naast deze teleurstelling staat voldoening. Ik ben blij, dat ik dit werk aan de socialistische beweging heb kunnen geven. Het aantal personen dat het had kunnen doen, zóó, dat het een maximum van zelf doorleefde dingen bevatte, is maar klein en het is de vraag of, had ik het niet gedaan, er wel iets van gekomen was. En een beweging als de socialdemokratische, heeft zulk een overzicht toch noodig om zich zelf te kennen, een van de grootste krachten in het leven.
   Maar wat het schrijven van een boek als dit vooral als voldoening nalaat, dat is dat men den heelen worstelstrijd nog eens voor zich heeft tot in de kleinste bizonderheden, dat men elken val weer eens ziet en elk opstaan weer eens meemaakt. Dat men den groei van machteloos klubje, van staf zonder leger, nu tot groote politieke partij, tot een leger waarvoor een der grootste moeilijkheden is een voldoende staf te vinden, weer eens van den beginne af aan heeft gevolgd. Dat de beweging nu in staat is op een bepaalden dag meer duizenden bijeen te brengen om haar liedern te laten schallen en haar leuzen te doen weerklinken, dan twintig jaar geleden tientallen. Wat men daarbij zou wenschen is dat ieder van die duizenden evenveel wilskracht in den strijd zou bezitten als voorheen ieder van de tientallen. Maar de beweging heeft ons ook geleerd utopiën en mogelijkheden te onderscheiden.
   En dan, het verkregene is in wezen zoo wonderbaarlijk, het is zoo echt, zoo gezond. Er is in de Nederlandsche arbeidersklasse voor de S.D.A.P. een ontzag, een liefde, een toewijding aanwezig, die geen andere groep van welken aard ook, ooit kan bereiken.
   Mijn hoop is dat dit boek het zijne zal bijdragen om die gevoelens nog te sterken. Ik weet wel zeker dat dit geen ijdele hoop is. En dat zal mijn hoogste loon zijn.
   Den lezer heil! En leve de Sociaaldemokratie!
W.H. VLIEGEN.


webdesign & copyright
© 2001-2005 Eveline