Immortellen-kransen


← overzicht
Inhoud
Start
De vervaardiging van immortellen-kransen.

Uit: De Natuur,
Populair Geïllustreerd Maandschrift,
gewijd aan de natuurkundige wetenschappen en hare toepassingen.
15 Mei 1889 - 9e jaargang


   In navolging van een gebruik in andere landen, dringt ook hier de gewoonte steeds meer door, om de graven onzer dooden met immortellen kransen te versieren, en zal het daarom den lezers van "de Natuur" mogelijk niet onwelkom zijn, eenige bijzonderheden aangaande de vervaardiging dezer kransen te vernemen. Niemand heeft er mogelijk ooit aan gedacht, dat deze industrie aan duizenden werklieden een middel van bestaan oplevert, en dat tegenwoordig zelfs vernuftig bedachte werktuigen daarvoor gebruikt worden. Gaston Tissandier deelt hieromtrent in zijn tijdschrift o.a. het volgende mede.

   De immortellen worden op vele plaatsen gekweekt. Men kan er geheele velden mee bedekt zien in de omstreken van Ollioules in Le Var, waar jaarlijks voor honderd-duizende franken aan planten geoogst worden. In Mei geschiedt de pluk; men snijdt de stelen tot op 25 tot 30 centimeter van de bloemtuilen af, kort voor de ontluiking der knoppen; dit werk wordt altijd aan vrouwen opgedragen. Nadat de stelen afgesneden zijn, bindt men ze tot bundels, die men met de bloemen naar beneden hangt om ze in de open lucht te laten drogen. Als de bloemen gedroogd zijn, verzamelt men ze in bossen van 250 gram ongeveer, die men per honderd bos in houten kisten verpakt, welke voor 55 of 60 francs per stuk geleverd worden.

   Een groot gedeelte der bevolking wijdt zich in Le Var aan deze kweek; in het seizoen ziet men in alle dorpen jonge meisjes op de stoepen bezig met het maken van immortellenpakken. Valette, Solliès, Saint-Nazaire en Bandols zijn de voornaamste dorpen in den omtrek van Ollioules, waar deze nijverheid beoefend wordt. Deze streken, die door hooge bergen tegen den noordenwind beschut zijn, zijn bijzonder gunstig geegen voor het kweeken der immortellen. De immortelle van het Oosten, die men gewoonlijk "Eternelle" of gele immortelle noemt, behoort tot het geslacht Helichrysum, waarin ook onze Stroobloem of Wilde Immortelle (Helichrysum arenarium D.C.) voorkomt. Zij is sedert 1629 in Europa bekemd; men gelooft dat zij van het eiland Creta afkomstig is. Deze plant wordt eerst sedert 1815 als industrieele plant gekweekt. Haar aankweeking is zeer loonend, elke plant brengt gemiddeld 60 tot 70 stengels voort met 20 à 30 bloemen. Een hectare met gemiddeld 40,000 kweekplanten, brengt elk jaar 2,400,000 á 2,800,000 stengels voort, gevende 7000 kilogram immortellen.

   De kisten met immortellen worden verzonden naar Marseille, Lyon, Bordeaux, Parijs, waar men er de grafkransen van maakt, door ze uit de hand rondom strookarkassen aan te brengen, die met ijzerdraad omwonden zijn. Een bekwaam werktuigkundige, de heer Gellit, heeft onlangs voor de vervaardiging van deze karkassen, "paillons" genaamd, een aardig werktuig bedacht, dat tegenwoordig in de groote werkplaatsen te Montreuil-sous-Bois in werking is.

Fig. 1. Een werktuig ter vervaardiging van de strookarkassen van de immortellen-kransen.

Fig. 1. Een werktuig ter vervaardiging van de strookarkassen van de immortellen-kransen.

Fig. 2. Het mechanisme van de machine Fig. 2. Het mechanisme van de machine.    De geheele toestel bestaat uit een groote houten werktafel of bank, aan welker uiteinde het eigenlijke mechanisme bevestigd is (fig. 1). Dit mechanisme bestaat hoofdzakelijk uit een vormrad (fig. 2) in twee helften opengaande; het gedeelte R draagt een klos met ijzerdraad, het gedeelte R' kan opgeligt worden, wanneer het naar boven gekeerd is. Het vormrad ontvangt zijn beweging van een getand rad, zoodat het snel draait, terwijl het in 't midden ledig is. Door dit middengedeelte steekt de werkman het stroo, zooals in fig. 1 aantoont; het vormrad draait en het stroo vormt een rol van de gewenschte grootte; tegelijkertijd wordt er een ijzerdraad omgeslagen, die afkomstig is van de klos bij R (fig. 2).


   Naarmate het stroo uit het vormrad komt, volgt het een zinken mal Z, waarin het den vorm van een krans aanneemt. Het ijzerdraad omwindt het stroo spiraalsgewijze, geleid door groeven, die op den binnenrand van het vormrad voorkomen. Zoodra de krans klaar is, opent men met de rechterhand de muts C en tilt met dezelfde hand de helft van het vormrad R op, terwijl men met de linkerhand het ijzerdraad doorsnijdt en vasthecht. Men brengt de helft van het wiel weer op haar plaats, sluit de muts en herhaalt zoo telkens dezelfde bewerking. Gedreven door een stoommachine van vier paardekrachten, staan er verscheidene banken achter elkaar in de werkplaats van den heer Gellit. Elke toestel levert dagelijks 75 dozijn karkassen voor immortellen kransen of voor kransen van natuurlijke of gemaakte bloemen.

   Deze karkassen (fig. 3), zijn van verschillende grootte; ook de gebruikelijke vormwielen zijn van verschillende afmetingen; zij kunnen gemakkeljk verwisseld worden en staan onder het bereik van den werkman in kasten, naar de grootte van 1-15 genummerd.
   Naast deze vakken ziet men op onze fig. 1 nog andere vakken, waarin de zinken mallen van de overeenkomstige nummers geplaatst zijn.
Fig. 3. Strookarkas of
Fig. 3. Strookarkas of "paillon".

M.


webdesign & copyright
© 2001-2005 Eveline