Schrijfmachine van Hall [II]


← overzicht
Inhoud
Start
De schrijfmachine van Hall [II].

Uit: De Natuur,
Populair Geïllustreerd Maandschrift,
gewijd aan de natuurkundige wetenschappen en hare toepassingen.
15 Augustus 1885 - 5e jaargang


   De nieuwe schrijfmachine van den Amerikaan Hall heeft veel overeenkomst met de vroeger beschrevene van Remington1; het grootste verschil tusschen beide machines is gelegen in de wijze, waarop de letters worden afgedrukt, waardoor het bij de nieuwste mogelijk werd om behalve van kapitale letters, ook van andere lettervormen gebruik te maken. Daardoor werd wel de inrichting ook iets samengestelder, maar kreeg men tegelijkertijd een beteren waarborg voor de netheid, waarmede de teekens op het papier voor den dag komen.
   We hebben zelf den toestel nog niet in natura gezien, en zullen ons daarom houden aan een beschrijving, die de heer G. Mareschal daarvan in La Nature gegeven heeft. De gansche machine wordt geborgen in een kistje van 38 cM. lengte, 22 cM. breedte, en 10 cM. hoogte en zij weegt met het kistje slechts 3 kilogram. De onderstaande teekening (fig. 1) vertoont haar op 1/3 van de werkelijke grootte.

Fig. 1. de nieuwe schrijfmachine van Hall.
Fig. 1. de nieuwe schrijfmachine van Hall.

   Zooals men ziet, rust zij op een raam YY op den bodem van het kistje, waaraan men een schuinen stand kan geven door middel van de steunsels b op de zijkanten van het raam. Het geheele druk-mechanisme wordt gedragen door het houten blad A, dat men om de schroefspil L kan omslaan, ten einde het papier onder het blad op zijn plaats te brengen. Doet men dit, dan krijgt men een kaoutchouk-cilinder B te zien, die om zijn as kan draaien en waartegen een vaste halfcilindervormige koperen plaat C aanligt. Door aan den knop Q te trekken, verwijdert men deze plaat C een weinig van den cilinder B, zoodat men het blad papier F tusschenbeide in kan plaatsen. Dit wordt op zijn plaats gehouden door de drukking van de plaat C tegen den cilinder B, die een zijdelingsche beweging van het papier verhindert; alleen wanneer de cilinder B draait, deelt het papier in diens beweging in de richting naar boven of naar beneden. Op deze wijze verkrijgt men den afstand tusschen de opvolgende regels. De cilinder wordt uit de hand bewogen of door middel van den knop O of door een klap P ter zijde links; telkens wanneer de regel vol is, geeft men een tik tegen dezen klap, waardoor het papier over een bepaalden afstand naar boven gaat.

   De lengte der regels hangt af van den vorm van het papier; om zich daarnaar te kunnen schikken, dient de maatverdeeling op de plaat C overeenkomend met die der lat M boven aan het raam. Men bevestigt hierop de twee loopers S en T, welke de verplaatsing van den druktoestel beperken; want evenals bij de machine van Remington blijft ook hier het papier op zijn plaats en wordt alleen de druktoestel zijdelings bewogen.
   Als het papier op zijn plaats ligt, slaat men het blad A om, zoodat het komt te liggen in den stand, waarin het door fig. 1 is voorgesteld. Het eerste, wat men nu te doen heeft, als men wil gaan schrijven, is het blad A naar links te duwen tot aan de stuiting S, die de plaats bepaalt, waar de regels moeten beginnen. Door deze verplaatsing van het blad A, wordt het rondsel I, ingrijpend op de schroefs[il L rondgedraaid, waardoor een veer wordt opgewonden, die met dit rondsel verbonden is. Het alzoo opgehoopt arbeidsvermogen wordt daarna gebruikt om een automatische verplaatsing van het blad A in tegenovergestelden zin, dus naar rechts voort te brengen.

Fig. 2 en 3. Bijzonderheden van den druktoestel. Fig. 2 en 3. Bijzonderheden van den druktoestel.    Vóór het blad A bevindt zich de manipulator E, dien wij de drukpen zullen noemen. In fig. 2 ziet men dit deel meer in bijzonderheden afzonderlijk afgebeeld. Het loopt uit in een punt V, die bestemd is om in een der gaten gestoken te worden, welke in de eboniet-plaat D voorkomen en overeenstemmen met de letters en teekens, die men wil afdrukken.
   In die plaat zijn 73 gaten, geplaatst in 8 rijen; de drukpen, ofschoon vast verbonden met het geheele mechanisme, kan toch gemakkelijk zoo gedraaid worden, dat haar punt boven een dier openingen komt te staan. Een lichte drukking is dan voldoende om een afdruk van de overeenkomstige letter te geven; het blad A verplaatst zich te gelijkertijd een weinig langs de schroefwinding op de spil L naar rechts, waardoor de ruimte tusschen de opvolgende letters ontstaat. Om de ruimten tusschen de woorden te

verkrijgen, moet men op den toets R (fig. 1) drukken, hetgeen een verplaatsing geeft over den afstand der schroefwindingen, zonder dat een teeken wordt afgedrukt. Deze automatische verplaatsing van het blad A geschiedt door behulp van een mechanisme, dat niet in bijzonderheden in fig. 1 zichtbaar is, maar waarvan de veer door het reeds genoemde rondsel I wordt opgewonden. Men ziet slechts het einde HJ van een hefboompje, dat door een vernuftig bedacht soort van echappement de vereischte werking tot stand brengt. De veeren G dienen om dien hefboom op te tillen, als men het blad A naar links terugvoert. Men wordt daartoe gewaarschuwd door een klokje U, dat aanslaat, wanneer men aan het einde van een regel is gekomen.

   Nu moet nog verklaard worden, hoe het komt, dat elke letter, naar willekeur op de plaat D gekozen, juist op de behoorlijke plaats op het papier wordt afgedrukt. Het middel daartoe is weder zeer vernuft gevonden, maar niet best te begrijpen, zonder den toestel voor zich te hebben. In hoofdzaak komt de inrichting op het volgende neer:
   De drukpen E is onder het blad A verbonden met verscheidene metalen stangen a, in den vorm van vierkanten en rechthoeken, welker zijden in de hoekpunten geleed zijn en door gebogen staven in haar bewegingen geleid worden. Men ziet dit samenstel in A' (fig. 3). Dit werkt op een alphabet van kaoutchouk, dat bevestigd is in ee, voorzien van de 73 verheven teekens, welke op de plaat D zijn aangewezen. Telkens wanneer men de drukpen in den eenen of anderen zin verplaatst, volgt dit alphabet haar beweging in dier voege, dat als de punt van de drukpen alle rijen van de plaat D voorbijgaat, elke letter zich op een gegeven oogenblik op een bepaald punt bevindt, dat in het midden van het blad A is gelegen onder den knop X.

   Het oogenblik, waarop een der letters zich daar bevindt, stemt juist overeen met het oogenblik, waarop de punt van de drukpen staat boven de opening van de plaat D, welke dezelfde letter aanwijst. Drukt men op dat oogenblik zacht op de pen, dan wordt de letter onder den metalen knop g (fig. 2) door deze geperst en op het papier afgedrukt. Het blad A rust op den voorsten rand van het raam Y door middel van kleine veeren f (fig. 2) waardoor een zekere veerkracht ontstaat.
   Een lap katoen, met inkt doorweekt, wrijft aanhoudend tegen het alphabet; hij is bevestigd op een raam B' (fig. 3) hetwelk in de teekening opengeslagen is voorgesteld, maar om zijn natuurlijken stand in te nemen, op het gedeelte A', onder het blad A, moet neergeslagen zijn. Een kleine opening d in het midden van den katoenen lap stmt overeen met den knop g en dient om de letter door te laten op het oogenblik, dat zij afgedrukt wordt. De inkt op het katoen kan minstens 8 dagen duren, zonder vernieuwing te behoeven.

   Aan den toestel zijn verscheidene soorten van alphabets (fig. 4) toegevoegd, zoodat men niet als bij Remington steeds in kaitaal schrift behoeft te schrijven. Men kan in een paar minuten van alphabet verwisselen; het aanwezige wordt weggenomen, na de beide schroeven ee te hebben losgemaakt en het nieuwe even spoedig in de plaats gesteld.
   Ook met deze machine kan men spoedig leeren snelschrijven. Na eenige dagen van oefening kan men 120 letters in de minuut afdrukken en wie er slag van heeft, kan het daarmede tot 150 letters brengen.
Fig. 4. Vormen van letters en cijfers, afgedrukt door de schrijfmachine van Hall.
Fig. 4. Vormen van letters en cijfers, afgedrukt door de schrijfmachine van Hall.

   De tijd zal leeren of de nieuwe schrijfmachine meer dan de reeds bestaande in den smaak zal vallen; maar door de uitvinding van de copieërpersen, hektografen en soorgelijke goedkoope werktuigen, die het copieërwerk zoo gemakkelijk maken, is de vrees gewettigd, dat ook zij nog geen grooten opgang maken zal.
H.
1 Zie bladz. 162. [Remington]


webdesign & copyright
© 2001-2004 Eveline