|
|
Iets over elektrische verschijnselen.
Uit: De Natuur,
Populair Geïllustreerd Maandschrift,
gewijd aan de natuurkundige wetenschappen en hare toepassingen.
15 April 1884 - 4e jaargang |
De heer Siegfried Stein gaf voor eenigen tijd in de Kölnische Zeitung onder bovenstaanden titel een klein opstel, dat mij niet zonder belang toescheen. De verder te vermelden proeven kunnen tevens als een bijdrage dienen voor de »Natuurkundige proeven met geringen hulpmiddelen", die reeds in dit tijdschrift aangegeven zijn.
Bij naderend onweder hoort men dikwijls den raad geven om het vuur uit te dooven, opdat de uit den schoorsteen opstijgende rook het onweder niet aantrekke en de bliksem niet insla. Vraagt men naar de redenen voor deze waarschuwing, dan blijft een voldoemd antwoord achterwege. En toch heb ik zelf meermalen opgemerkt, dat in fabrieksschoorsteenen, die in werking waren, de bliksem insloeg, terwijl even hooge schoorsteenen in de nabijheid, die koud stonden, gespaard bleven.
In berichten over het inslaan van den bliksem, leest men dikwijls, dat het hemelvuur door den schoorsteen van het huis is binnengedrongen en het gansche huis met roet vervuld heeft. Trouwens is de schoorsteen gewoonlijk het hoogste gedeelte van het huis en dus het punt, dat het meest aan den bliksem is blootgesteld. Het groote gevaar ontstaat evenwel eerst dan, als tijdens een onweder één of meer ovens de gassen van de vuren door den schoorsteen omhoog zenden.
Elke, met een glas voorziene lamp, stelt ons in staat een zeer eenvoudige proef te nemen, die het bewijs voor deze bewering kan leveren.
De eerste proef deed zich toevallig voor en wel op de volgende wijze.
Men wilde het geschrift op een briefkaart boven het glas eener brandende lamp snel opdrogen, waardoor de kaart eenigszins warm werd. Als voorzorg en ter wille eener zuivere copie werd de kaart op een stuk vloeipapier gelegd en met de hand er over gestreken, opdat de natte inkt zou weggenomen worden. Toen de kaart werd weggenomen, bleef zij aan het vloeipapier vast zitten, ofschoon dit later aantoonde, dat de inkt reeds was opgedroogd, voordat het vloeipapier op de kaart werd gelegd. Was het eenvoudig een adhesie, of was het de drukking van de lucht, die dit verschijnsel in 't leven riep? Bij een tweede en derde kaart, die op dezelfde wijze behandeld werden, deed zich hetzelfde verschijnsel voor.
Verschillende proeven hebben aangetoond, dat door de wrijving van de heete verbrandingsgassen onderling of met de gelijktijdig door het lampeglas stroomende lucht, elektriciteit werd opgewekt, die door de slecht geleidende briefkaart (houtstof met hars gelijmd) opgezogen en op de oppervlakte werd vastgehouden.
Bij het wrijven met de hand werd de eene, bovenste zijde van de briefkaart ontladen en de andere, onderstte zijde moest op het daaronder liggende, lichtere vloeipapier aantrekkend werken. Proeven met den elektroskoop toonde de sterkte van de elektrische lading op de onderzijde der briefkaart aan.
Dat deze verklaring niet zonder grond is, blijkt uit de waarnemingen en de fraaie en bijna te gelijkertijd genomen proeven van professor Walter Spring te Luik; want toen deze droge lucht op een bol van een elektroskoop liet stroomen, werd deze geladen. Wemdde hij sterke luchtstroomen aan, dan werd de elektroskoop afwisselend geladen en ontladen, zooals de hagelsteenen bij een onweer in de hagelwolken doen, door de wrijving van de voorbij gedreven luchtstroomen.
De volgende proef kan een ieder met een van een glas voorziene brandende lamp doen.
Als men een, boven de lamp elektrisch gemaakte briefkaart op een groote hoeveelheid kleine stukjes droge vlierpit legt (kleine snippertjes papier kunnen ook dienen) en na het wrijven met de hand over de briefkaart deze opheft, blijven alle of bijna alle stukjes aan de briefkaart hangen. Evenals deze en de stukjes vlierpit moet ook de hand, waarmede men over het papier strijkt, droog zijn. Houdt men nu de kaart loodrecht en poogt men de aanhechtende vlierbolletjes met den nagel aan den ondersten rand van de kaart van deze af te strijken, dan vliegen en huppelen de bolletjes vrij door de lucht en meestal naar den anderen kant van de kaart toe.
Door deze proefneming levert men op de eenvoudigste manier het bewijs, hoe warmte en beweging, onder bepaalde voorwaarden in elektriciteit worden omgezet en hoe deze, omgekeerd, weer een beweging in 't leven roept. Gebruikt men als onderlaag voor de elektrisch gemaakte briefkaart een tweede, door verwarming vooraf gedroogde kaart en trekt men de beide aan elkander hechtende kaarten in het donker van elkander, dan ziet men tusschen beide kaarten de elektrische vonk meer of minder sterk aan een of meer punten flikkeren.
Door deze waarnemingen kan men zich nu ook de oorzaak verklaren van de elektrische verschijnselen bij het drogen van stoffen in de katoendrukkerijen.
Tegenover de machtige elektrische ontladingen bij een onweder toont deze proefneming in 't klein aan den eenen kant het verschijnsel van de elektrische ladingen en ontladingen in de onweerswolk door een drogen - zij het ook kouden - luchtstroom aan, en aan den anderen kant, hoe op of boven de monding van een in werking zijnden schoorsteen - hetzij van glas op een lamp, hetzij van steen enz. op en huis of fabrieksgebouw - een aanzienlijke hoeveelheid elektriciteit kan verzameld worden. Deze dwingt de boven den schoorsteen heentrekkende onweerswolk, om haar opgehoopte elektriciteit los te laten, dat wil zeggen, roept een bliksemstraal te voorschijn. Hiertegen beschermt een goede op den schoorsteen geplaatste bliksemafleider.
Door bovenstaande proeven en waarnemingen worden ook de volgende vragen uitgelokt: Welke der beide zich in de lucht bevindende gassen wekt, bij de beweging voornamelijk het sterkst de elektrische spanning op, de stikstof of de zuurstof, of doet de geringe hoeveelheid van het zich daarin bevindende koolzuur het? Vermag droge en oververhitte waterdamp het ook?
Hoe verhouden zich in dit opzicht andere bekende gassen of gasvormige verbindingen? Welken invloed oefent hierbij de temperatuur der in werking gebrachte gassen uit?
Een ruim veld van waarnemingen staat hier voor den physicus of meteoroloog open. |
| A. Nuyens. |
webdesign & copyright © 2001-2004 Eveline |
↑ |
|